Hoe groot is het aansprakelijkheidsrisico van een VvE-bestuurder echt?
Gepubliceerd op
Ben ik dan privé aansprakelijk? Het is de vraag die kandidaat-bestuurders tegenhoudt. Het eerlijke antwoord is dat het risico klein is en de lat hoog ligt. Met vier gewoontes maak je hem nog kleiner.
Het is misschien wel de meest gestelde vraag op het moment dat iemand een bestuursrol overweegt, meestal zachtjes en na de vergadering. Als er iets misgaat met het dak of met het geld, ben ik dan privé aansprakelijk? Omdat niemand in de zaal het precies weet, blijft de vraag hangen. En de kandidaat ook. Tijd voor het eerlijke antwoord, en dat is geruststellender dan de vraagsteller denkt.
De lat ligt hoog, en dat is bewust
Een VvE-bestuurder moet zijn taak behoorlijk vervullen. Dat is de wettelijke norm, dezelfde die voor elk verenigingsbestuur geldt. Maar aansprakelijk tegenover de vereniging word je pas bij onbehoorlijk bestuur waarvan je een ernstig verwijt te maken valt. Die maatstaf staat met zoveel woorden in de wet zelf en komt uit een standaardarrest van de Hoge Raad. Hij is streng bedoeld. Gewone fouten, verkeerde inschattingen en tegenvallende keuzes horen bij besturen en leiden niet tot aansprakelijkheid. De offerte die achteraf te duur bleek, de schilder die tegenviel, de vergissing in een begrotingspost. Vervelend, maar geen ernstig verwijt. Waar het wél om gaat, is de categorie die iedereen op zijn klompen aanvoelt. Verenigingsgeld vermengen met privégeld. Jarenlang geen administratie voeren. Willens en wetens zonder besluit van de vergadering grote verplichtingen aangaan. Of de verzekering laten verlopen en dat verzwijgen.
Ook goed om te weten is dat claims van buitenstaanders of individuele eigenaars niet zomaar bij de bestuurder terechtkomen. Daarvoor geldt de gewone route van de onrechtmatige daad, en ook daar moet de bestuurder in de regel persoonlijk iets ernstigs te verwijten zijn. De vereniging zelf is en blijft in vrijwel alle gevallen het eerste aanspreekpunt.
Wat decharge wel en niet voor je doet
Veel VvE's verlenen het bestuur na afloop van het jaar decharge, de goedkeuring over het gevoerde beleid. Let wel op dat het een eigen besluit is en niet iets wat vanzelf gebeurt. Alleen het modelreglement van 2017 schrijft voor dat de vergadering na de goedkeuring van de jaarrekening ook nog stemt over het al dan niet verlenen van decharge. De oudere reglementen noemen het woord niet eens. Goedkeuring van de jaarrekening is dus niet hetzelfde als decharge. Zet het als apart agendapunt op de vergadering en laat het besluit in de notulen vastleggen. Decharge is waardevol, maar het is geen aflaat. Decharge dekt alleen wat uit de jaarrekening blijkt of wat de vergadering op dat moment kende. Wat verzwegen of onjuist verantwoord is, valt erbuiten. Tegenover derden werkt decharge helemaal niet. De praktische les is simpel. Decharge beschermt de bestuurder die open kaart speelt, en juist niet degene die iets wegmoffelt. Transparantie is hier letterlijk je juridische bescherming.
Vier gewoontes die het risico klein houden
- Laat de vergadering beslissen wat van de vergadering is. Grote uitgaven, contracten en het onderhoudsplan agendeer je, laat je stemmen en leg je vast met stemverhouding. Een bestuurder die uitvoert wat de vergadering rechtsgeldig besloot, staat sterk. Alleen bij een besluit dat duidelijk in strijd is met de wet of de akte van splitsing gaat die dekking niet op, want zo'n besluit houdt zelf geen stand.
- Houd de administratie bij, elk jaar. De wet verplicht het bestuur een deugdelijke administratie te voeren en zeven jaar te bewaren. Dit is niet alleen een plicht. Een kloppend dossier is in elke discussie achteraf je beste vriend.
- Houd geldstromen gescheiden en laat meekijken. Een eigen rekening van de vereniging, een kascommissie die echt controleert en die voor de meeste VvE's trouwens niet vrijblijvend is maar wettelijk verplicht, en bij voorkeur een tweede paar ogen bij betalingen. De echte drama's ontstaan waar één persoon jarenlang alleen bij het geld kan.
- Overweeg een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering. Meerdere verzekeraars bieden er een speciaal voor VvE's. Verplicht is hij niet, de wet eist alleen dat het reglement regelt tegen welke gevaren het gebouw verzekerd is. De vereniging sluit hem af en betaalt hem, dus niet de bestuurder uit eigen zak. Vraag bij een offerte na wat er precies gedekt is en of de kosten van verweer daarbij horen, want ook een ongegronde claim moet je weerleggen.
Zeg het ook tegen de zaal
Terug naar de vraag van na de vergadering. Het echte antwoord is dit. Wie normaal zijn best doet, de vergadering laat beslissen en de administratie bijhoudt, loopt als VvE-bestuurder een klein en goed beheersbaar risico. Kleiner dan de vraagsteller vreest, en kleiner dan de mythes op verjaardagen. Besturen zeggen dat alleen zelden hardop. Daardoor wint de angst het van de feiten en steekt niemand zijn hand op. Zet dit verhaal dus gerust op de agenda van de volgende vergadering. Het is misschien wel het beste wervingsmateriaal dat er bestaat.
Zo hebben wij dit opgelost
De kandidaat die na de vergadering zachtjes deze vraag stelt, wil eigenlijk maar één ding horen, dat het veilig kan. Dat kan, want drie van de vier gewoontes hierboven zijn in de kern administratie, en precies die automatiseert SamenVvE. Besluiten met stemverhouding vastgelegd bij de vergadering. Een kasboek met de stukken erachter. Een kascommissie met eigen leesrechten. En alles zeven jaar netjes bewaard zonder dat iemand eraan hoeft te denken. Een bestuurder die zo werkt, heeft zijn verdediging altijd al klaarliggen. Al zal hij haar vrijwel zeker nooit nodig hebben.
Bronnen bij dit artikel
- Burgerlijk Wetboek Boek 2, artikel 9, artikel 10 en artikel 48. De norm dat elke bestuurder zijn taak behoorlijk vervult en pas aansprakelijk is als hem een ernstig verwijt kan worden gemaakt, en de plicht om een administratie te voeren en die zeven jaar te bewaren. Artikel 48 regelt de jaarstukken en de kascommissie van ten minste twee leden die niet in het bestuur zitten.
- Burgerlijk Wetboek Boek 5, artikel 124, artikel 126 en artikel 135. De VvE is een rechtspersoon en Titel 1 van Boek 2 geldt voor haar, waardoor de bestuurdersnorm en de administratieplicht ook bij een VvE gelden. Artikel 126 vraagt een eigen betaal- of spaarrekening op naam van de vereniging voor het reservefonds, artikel 135 haalt de kascommissie erbij.
- Burgerlijk Wetboek Boek 6, artikel 162. De onrechtmatige daad, de route waarlangs een buitenstaander of een individuele eigenaar een bestuurder persoonlijk zou moeten aanspreken.
- Modelreglement bij splitsing in appartementsrechten 2006. Dit reglement kent geen enkele bepaling over decharge, net als de reglementen van 1973, 1983 en 1992. Goedkeuring van de jaarrekening levert daar dus uit zichzelf geen decharge op.
- Modelreglement bij splitsing in appartementsrechten 2017, artikel 16.2 en artikel 49.1. Na de goedkeuring van de jaarrekening besluit de vergadering apart over het al dan niet verlenen van decharge, en alleen voor het beleid dat uit de jaarrekening blijkt.
- Hoge Raad, 10 januari 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2243. Aansprakelijkheid van een bestuurder vraagt een ernstig verwijt, te beoordelen aan de hand van alle omstandigheden van het geval. Decharge strekt zich niet uit tot gegevens die niet uit de jaarrekening blijken of niet anderszins aan de vergadering zijn bekendgemaakt.
- Hoge Raad, 8 december 2006, ECLI:NL:HR:2006:AZ0758. Een bestuurder is tegenover een schuldeiser in het algemeen pas persoonlijk aansprakelijk als hem, mede gelet op zijn plicht tot behoorlijke taakuitoefening, een voldoende ernstig verwijt kan worden gemaakt.