Rookmelders in de VvE. Wie ze ophangt, waar ze moeten hangen en waar de plicht stopt
Gepubliceerd op
De rookmelderplicht stopt bij de voordeur van je appartement. Binnen hang je ze zelf op, een per verdieping, en in het trappenhuis schrijft de wet er geen voor. Hoe het zit bij verhuur, wat de gemeente kan doen als ze ontbreken, en het eerlijke antwoord op de vraag of de verzekeraar dan niet uitkeert.
Op de vergadering stelt iemand voor om rookmelders te laten ophangen, door het hele complex, op kosten van de vereniging. Klinkt zorgzaam, en toch klopt het uitgangspunt niet. De rookmelderplicht is geen taak van de VvE maar van elke eigenaar afzonderlijk, en hij stopt precies waar je hem niet verwacht, bij de voordeur van het appartement. Wie dat eenmaal weet, leest de hele discussie anders.
Eén per verdieping, binnen je eigen voordeur
Sinds 1 juli 2022 moet elke bestaande woning op iedere verdieping met een verblijfsruimte, dus een woonkamer, slaapkamer of andere ruimte waar je verblijft, of met een gang waardoor je naar buiten vlucht, een rookmelder hebben die voldoet aan de productnorm EN 14604. Aardig detail voor de liefhebber, de regel is al op 1 juli 2021 ingevoerd, met een jaar uitgestelde werking; de wet veranderde dus niet op de datum die iedereen noemt. Voor een gewoon appartement in bestaande bouw is dat de hele plicht. Eén melder per verdieping, en omdat de wet bij bestaande bouw alleen de productnorm eist en niets zegt over aansluiting, plaatsing of doorkoppeling, volstaat een batterijmodel; de bekende adviezen over de afstand tot de muur zijn aanbevelingen. Een zolder zonder verblijfsruimte hoeft niet. Bij nieuwbouw ligt de lat hoger, daar gelden plaatsings- en koppelingseisen volgens een eigen norm, en wie zijn appartement per kamer verhuurt valt onder een strenger regime met een melder in elke verblijfsruimte, in de regel aangesloten op het lichtnet; meer daarover in het artikel over kamerverhuur.
Waarom de VvE er niet over gaat
De wet legt de plicht bij de eigenaar van de woning, en het appartementsrecht sluit daar naadloos op aan. De vereniging beheert de gemeenschap, met uitzondering van de gedeelten die bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, en dat afzonderlijke geheel is precies jouw appartement. Binnen je voordeur hang jij ze dus zelf op. En in de gemeenschappelijke gang en het trappenhuis? Daar schrijft de wet geen rookmelder voor, ook niet via een achterdeur. Opvallend genoeg zwijgen ook de modelreglementen van 2006 en 2017 er volledig over, dus wie daarin naar een rookmelderregel zoekt, vindt er geen. Wil een vergadering tóch melders in de gang, dan mag dat natuurlijk, maar de wet voorziet niet in vrijwillig opgehangen melders, en of de onderhoudsplicht daar dan alsnog op rust, is onbeslist. Leg daarom in een vergaderbesluit of in het huishoudelijk reglement vast wie ze onderhoudt en wie de batterijen vervangt.
Verhuur je, dan begint het bij jou
Bij een verhuurd appartement lopen twee lijnen door elkaar. De plicht om te zorgen dat de melders er hangen ligt bij de eigenaar, en bij de start van de huur hoort de verhuurder te zorgen dat er werkende melders zijn. Daarna wordt het afsprakenwerk. Voor het vervangen van de batterijen heeft de verhuurder praktisch de medewerking van de bewoner nodig, en dat kun je in de huurovereenkomst regelen. Reken er alleen niet op dat het vanzelf voor rekening van de huurder komt, want de wettelijke lijst met kleine herstellingen die een huurder zelf moet doen, noemt de rookmelder helemaal niet. Zonder afspraak is dat dus niet vanzelfsprekend, en de plicht om te zorgen dat de melder er hangt en werkt, blijft hoe dan ook bij jou.
Wie controleert, en wat het kan kosten
Handhaven doet de gemeente, niet de brandweer en niet de verzekeraar. De wet laat een bestuurlijke boete toe die in 2025 op maximaal 5.150 euro staat, en als het ontbreken van melders gevaar voor de gezondheid of veiligheid oplevert op maximaal 25.750 euro. Dat zijn wettelijke maxima; in de praktijk grijpen gemeenten eerder naar een last onder dwangsom, zeker bij kamerverhuur. En dan de vraag die iedereen stelt, keert de verzekeraar niet uit als er brand is zonder rookmelder? De wet kent geen automatisch verval van dekking; de wettelijke lat ligt bij opzet of roekeloosheid, en een vergeten melder is dat niet. Maar een verzekeraar mag in zijn polisvoorwaarden wel eisen stellen aan preventie. Het enige eerlijke advies is dus kort, lees je eigen polis, en hang de melders gewoon op, want ze kosten weinig en het gaat om je leven, niet om de premie.
Vier misverstanden op een rij
- De VvE moet de rookmelders ophangen. Nee, de plicht loopt tot de voordeur van elk appartement en ligt daarbinnen bij de eigenaar. De vereniging gaat over de gemeenschap, en juist daar eist de wet geen melders.
- Er moet een melder in elke kamer. Voor een gewoon bestaand appartement is het één per verdieping. Alleen bij kamergewijze verhuur, zorgwoningen en nieuwbouw gelden zwaardere eisen.
- Ze moeten aan het lichtnet en aan elkaar gekoppeld. In een gewone bestaande woning volstaan batterijmelders met CE-markering. Het lichtnet hoort bij kamergewijze verhuur, en bij nieuwbouw gelden plaatsings- en koppelingseisen volgens een eigen norm.
- Zonder rookmelder keert de verzekeraar niet uit. De wet kent geen automatisch verval van dekking. Wat jouw polis erover zegt, verschilt per verzekeraar, dus lees hem na.
Zo helpt SamenVvE
De melders zelf hangen achter ieders eigen voordeur, maar het bestuur kan het wel makkelijk maken. Een mededeling aan alle bewoners over de plicht en de jaarlijkse testknopdag gaat in SamenVvE per mail het hele complex door. Besluit de vergadering om vrijwillig melders in de gemeenschappelijke ruimten te hangen, dan staat dat besluit met stemuitslag in het besluitenregister, en zet het bestuur de periodieke controle als taak klaar met een verantwoordelijke die er vanzelf een herinnering voor krijgt. Zo is geregeld wat de wet juist ongeregeld laat.
Bronnen bij dit artikel
- Besluit bouwwerken leefomgeving, artikelen 2.6, 3.3, 3.117, 4.211 en 5.24 met tabel 3.114. Eén melder per bouwlaag volgens EN 14604 in bestaande bouw, de plicht bij de eigenaar van het bouwwerk, de zorgplicht voor krachtens de wet aanwezige installaties, de NEN 2555-eis bij nieuwbouw en functiewijziging, en de zwaardere eisen bij kamergewijze verhuur.
- Infoblad van het Informatiepunt Leefomgeving over rookmelders. De toelichting van de overheid over batterijmelders in bestaande woningen, de zolder zonder verblijfsruimte en het lichtnet bij kamergewijze verhuur; toelichtend, er kunnen geen rechten aan worden ontleend.
- De modelreglementen 2006 en 2017, via notaris.nl. Beide zwijgen volledig over rookmelders en brandveiligheid.
- Bouwbesluit 2012, artikel 6.21 lid 6 (vervallen per 1 januari 2024). De bepaling die per 1 juli 2021 werd ingevoerd met de zin dat de eis tot 1 juli 2022 niet van toepassing was.
- Burgerlijk Wetboek Boek 5, artikel 126. De vereniging beheert de gemeenschap, met uitzondering van de gedeelten die als afzonderlijk geheel worden gebruikt.
- Rijksoverheid over het aantal rookmelders. Bij een VvE plaatst de bewoner of eigenaar ze zelf in de eigen woning, en de verplichting geldt niet voor gemeenschappelijke ruimtes.
- Besluit kleine herstellingen. De lijst met herstellingen die voor rekening van de huurder komen, waarin de rookmelder niet voorkomt.
- Omgevingswet, artikelen 18.2 en 18.12 en Wetboek van Strafrecht, artikel 23 lid 4. De handhaving door het college van burgemeester en wethouders en de boetemaxima van 5.150 en 25.750 euro (2025).
- Rechtbank Midden-Nederland, 19 augustus 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:3440. De last onder dwangsom voor ontbrekende gekoppelde rookmelders bij kamergewijze verhuur.
- Burgerlijk Wetboek Boek 7, artikel 952. De verzekeraar vergoedt geen schade die met opzet of door roekeloosheid is veroorzaakt, de enige wettelijke uitsluitingsgrond.